Het huis van de vrijheid

Ooit opende de vrijheid al haar deuren
beloofde ons een wereld zonder pijn   
en hoopte dat een ieder zou bespeuren
wat het betekende om vrij te zijn

Wij hingen onze ketens aan de kapstok
en schaarden ons rondom de open haard 
beschouwden iedereen die met ons optrok 
als huisgenoot; verlicht en vrijverklaard 

Wij leerden onze meningen te uiten
maar gaandeweg gingen er stemmen op
ons nieuwe huis hermetisch af te sluiten
De gastvrouw kermde – onbegrepen – ‘Stop’

‘Niet langer zal ik mij dan nog vertonen
In een versterkte burcht wil ik niet wonen’

© Aad van der Waal - Stadsdichter Apeldoorn 2018