Onno Boekhoudt
Onno Boekhoudt (1944-2002) was een beeldend kunstenaar die ook sieraden maakte. Zijn nalatenschap is ondergebracht in CODA Museum.
Een belangrijk uitgangspunt was zijn idee dat de ring een huisje is voor de vinger, “Room for a Finger”. Natuurlijk maakte hij niet alleen ringen maar ook objecten en andere sieraden, zoals broches of een hoed.
In 2010 zal er een overzichtstentoonstelling van het werk van Onno Boekhoudt te zien zijn in CODA.
’t Is een leuk geklits-klets-klats
De Kwartjesfontein van Pieter Puype
In het depot van CODA Museum wordt een gipsen model bewaard van de Kwartjesfontein. De fontein uit het Oranjepark is helemaal terug in de belangstelling. Dit komt natuurlijk door de geslaagde poging om de fontein te restaureren en, als klap op de vuurpijl, weer te laten spuiten op 30 april. Een bijzondere Koninginnedag voor Apeldoorn; zevenenzeventig jaar na de onthulling van de Kwartjesfontein door prinses Juliana op Koninginnedag 1932 bezoekt haar dochter, koningin Beatrix, Apeldoorn.
De Apeldoornse beeldhouwer Pieter Puype (1874-1942) maakte in het snel groeiende Apeldoorn van begin 20e eeuw een aantal beeldbepalende monumenten, zoals de bronzen plaquette op de Naald, de Tutein Nolthenius-bank in het Wilhelminapark en de Van Wijhe-bank bij Marialust. Hier is ook de nieuwe plek voor de Kwartjesfontein, in de vijver bij het Verzetsstrijderspark.
Hij zal weer spuiten zoals bezongen is in het refrein van het Fonteinlied, gecomponeerd door J. Oostenrijk ter ere van de onthulling in 1932:
Klits, klets, klats, klits, klats, klits, klats
Klits, klets, klats, klits, klats, klits, klats, klits, klats
Wat geklater
In het water
In die groote wijde plas
Negen stralen, zie ze dalen
’t Is een leuk geklits-klets-klats
’t Is een leuk geklitst-klets-klats
Een groot groen vraagteken
Jarenlang lag er in het depot van het Historisch Museum een grote, groene klok. Waar hij vandaan kwam, was niet bekend, wanneer hij was binnengekomen evenmin. Duidelijk was dat de klok ooit buiten had gehangen. De wijzerplaat had heel wat te lijden gehad en de lak vertoonde duidelijke sporen van weer en wind. Uitgesproken mooi was de klok niet, maar zijn robuuste, doorleefde uitstraling verleende hem toch een zekere aantrekkelijkheid.
Sinds enkele jaren hangt de klok in de historische tentoonstelling Woudreuzen en Fluisterheggen, omdat hij met zijn groene kleur daar heel mooi past en ook als een soort symbool van tijd; van de geschiedenis en de geheimen die daarin verscholen liggen.
Natuurlijk hebben we geprobeerd de herkomst te achterhalen. Foto’s van station en marktplein toonden weliswaar verschillende openbare uurwerken, maar niet één keer deze specifieke klok. Kwam hij eigenlijk wel uit Apeldoorn?
Amsterdamse school op Welgelegen
Enkele weken geleden, tijdens een onderzoek naar de geschiedenis van het gebied Welgelegen, dat de laatste jaren vrijwel geheel op de schop is gegaan, werd het raadsel opgelost. Welgelegen is vooral bekend vanwege het landhuis dat ooit werd bewoond door admiraal Van Kinsbergen. Na de afbraak van dit landhuis in 1913 werd het een wat rommelig verzamelgebied voor allerlei industrie en nijverheid; een soort bedrijvenpark.
In de jaren ’20 kreeg de Dienst Gemeentewerken de opdracht om op Welgelegen een nieuw gemeentelijk slachthuis te bouwen. Gemeentelijk Bouwmeester De Zeeuw maakte een eerste schetsje, maar liet het eigenlijke ontwerp over aan een van zijn werknemers, J.H. Hooyer. Deze maakte van het slachthuis een sober, sierlijk gebouw in de stijl van de Amsterdamse School, een stijl die in Apeldoorn relatief weinig is toegepast.
Enerzijds omdat Apeldoorn nu eenmaal Amsterdam niet is, anderzijds omdat er in de economisch magere jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw gewoon niet zoveel van dit soort bouwprojecten werden gerealiseerd.
Juweel voor de stad
Hooyers slachthuis was bij oplevering een juweel voor de stad, een even strak als elegant gebouw, spaarzaam en smaakvol versierd met enkele reliëfs, elegante smeedijzeren letters en een klok.
Maar in de loop der jaren heeft het Slachthuis veel te lijden gehad. In de oorlog liep het enige schade op, maar die was overkomelijk. Het 25-jarig bestaan in 1952 werd weer trots gevierd.
Bij die gelegenheid bood de Slagerspatroonsvereniging een nieuwe klok aan: 'onze' groene klok. Ze werd gemaakt door het Amsterdamse bedrijf NUFA.
Treurige staat
Wanneer de klok van de gevel is gehaald en naar het museum is gebracht, is onduidelijk. Met Apeldoorn groeide ook het Slachthuis in de naoorlogse jaren onstuimig. Voortdurend werd het uitgebreid. Dan hier weer een aanbouw, dan daar weer een bijgebouw. Het meesterstuk van Hooyer werd langzaam maar zeker aan het oog onttrokken.
In 1988 verhuisde de EKRO, zoals het slachthuis inmiddels heette, naar industrieterrein Malkenschoten. Het gebouw stond daarna nog enkele jaren in een treurige staat van verval, voordat het voorgoed werd gesloopt. Op Welgelegen is nu hoogwaardige woningbouw gerealiseerd. Van het Slachthuis resten enkel wat tekeningen, foto’s en deze klok.






